alles_wat_aandacht_krijgt_groeit.jpg

Innovatief Onderwijs ontwerpen Via leertaken naar complexe vaardigheden

Het 4C/ID model (het 4 componenten instructie ontwerpmodel, instructonional design).
Ontwikkelingen op het gebied van leren, behoeften van docenten, deel- nemers en het werkveld geven aan dat onderwijs betekenisvol aangebo- den dient te worden. Niet gefragmenteerd, maar uitgaande van complexe situaties. De leeromgeving moet gericht zijn op :

  • -  het stimuleren van complex leren
  • -  het integreren van leren en werken
  • -  bieden van ingebouwde ondersteuning

Het 4C/ID model gaat uit van het aanleren van die complexe vaardighe- den. Het is een ontwerpstrategie die met de nodige vrijheid kan worden toegepast. Het onderwijsprogramma is opgebouwd uit een groot aantal verschillende situaties, waarin steeds de combinatie en coördinatie van alle aspecten wordt geoefend. (leertaken). Het curriculum is primair opge- bouwd uit een opeenvolging van leersituaties.

Afhankelijk van de leerstof zal soms gebruik gemaakt worden van casus- sen, van pgo’s, of van projecten. Het onderwijsprogramma is niet alleen een teamaangelegenheid, ook samenwerking en afstemming met deelne- mers en het werkveld is noodzakelijk.

Het curriculum is opgebouwd uit een primaire onderwijsstroom. Het aantal leertaken en de duur ervan varieert, zij worden in nauwe samenwerking met het werkveld vastgesteld. Er is sprake van afnemende ondersteuning naar de deelnemers, in de loop van de studie komt er meer flexibiliteit en meer zelfsturing van deelnemers. De vakkenstructuur wordt doorbroken, de scheiding tussen kennis/houding en vaardigheden en de scheiding tus- sen theorie en praktijk wordt losgelaten. Intensieve samenwerking tussen verschillende vakdocenten, bpv docenten en het werkveld is noodzakelijk.

De kern van de 4C/ID benadering is dat studenten leren door te werken aan betekenisvolle integratieve taken. Het zijn min of meer realistische taken die ontleend zijn aan de beroepspraktijk.

Het model onderscheidt 4 componenten.

  • -  Ondersteunende informatie
  • -  Just In Time informatie (JIT) -
  • -  Deeltaakoefening 
  •  - Leertaken.

Leertaken zijn realistische situaties die ontleend zijn aan de beroepsprak- tijk. Zij gaan uit van complexe taken die centraal staan in de beroepsprak- tijk en worden aangeboden in de vorm van casus, problemen, taken of projecten. Leertaken worden georganiseerd in zogenaamde taakklassen en worden geordend van eenvoudig naar complex (bv. activiteiten bege- leiden , eerst 1 kind, dan 2, dan groepje, dan de hele klas). Aan het begin

van de taakklasse krijgt de deelnemer nog veel ondersteuning, aan het eind niet meer.

Het maken van leertaken.

  • -  Eerst wordt een analyse gemaakt van de beroepsvaardigheden die geleerd moeten worden (van beroep tot leertaak).

  • -  De volgorde waarin samenstellende vaardigheden in het onderwijs aan de orde gesteld worden moet worden vastgesteld.

  • -  Om tot de beschrijving van complexe vaardigheden te komen wor- den experts uit het werkveld geraadpleegd, functieprofielen e.d. be- studeerd.

  • -  Deze vaardigheden vormen het uitgangspunt voor het formuleren van de gewenste leeruitkomsten (gedragsdoelen).

  • -  Leertaken worden gebaseerd op realistische gebeurtenissen of prak- tijkvoorbeelden en moeten divers zijn.

    Nadat de leertaken zijn geselecteerd kan overgegaan worden tot het vast- stellen van de optimale volgorde, hierbij wordt rekening gehouden met de cognitieve capaciteit van de deelnemer. De volgorde heeft een afbouw in ondersteuning.

    Ondersteunende informatie

    Ondersteunende informatie is die informatie die behulpzaam kan zijn bij het werken aan leertaken. Kennis over hoe iets in elkaar zit en hoe dingen aan te pakken is noodzakelijk informatie. De ondersteunende informatie sluit aan bij de voorkennis van de deelnemer en wordt meestal ter be- schikking gesteld voordat zij aan de slag gaan met bepaalde leertaken. Feedback op de kwaliteit van de uitvoering van een leertaak is een wezen- lijk onderdeel van het leertraject. Ondersteunende informatie kan gegeven worden in de vorm van voorbeelden/video gevolgd door gelegenheden tot het stellen van vragen. Er kan algemene informatie gegeven worden en vandaar uit komen tot voorbeelden. Computersimulaties zijn hulpmiddelen om deelnemers op een uitdagende manier kennis te laten nemen van be- paalde onderwerpen

    Just in Time informatie (JIT)

    Deze informatie wordt gepresenteerd tijdens het werken aan betekenis- volle, hele leertaken. Het is alle informatie die de deelnemer nodig heeft om de leertaken uit te kunnen voeren. Deze informatie wordt in kleine eenheden gepresenteerd en is gericht op het verwerven van feiten, con- cepten. Deze informatie is vereist voor de deelnemer om tot een goed re- sultaat te komen, je biedt het aan op het moment dat de deelnemer hier daadwerkelijk mee bezig is.

    Deeltaken

    Bij deeltaken worden bepaalde aspecten van een complexe vaardigheid aangeleerd tijdens een afzonderlijke training. Deze trainingen kunnen pas beginnen op het moment dat de deelnemers kennis gemaakt hebben met

    de gehele complexe vaardigheid, hij begrijpt dan hoe die vaardigheid past binnen het geheel. Ook de deeltaakoefeningen starten vanuit een beteke- nisvolle context. Deeltaakoefeningen worden vaak aangeboden middels conventionele oefeningen en opdrachten

    Toetsing

    De toetsing richt zich primair op het toetsen van complexe vaardigheden zoals een beroepsbeoefenaar die uitvoert. De belangrijkste toets wordt gevormd door een performence assessment (de laatste leertaak), in elke taakklasse met bijbehorende beoordelingscriteria. Het samenstellen en bijhouden van een portfolio geeft een oordeel over het reflecterend ver- mogen van de deelnemer. De ondersteunende informatie kan getoetst worden op meer traditionele manier en geeft alleen info over de voortgang en is ondergeschikt aan de performence assessments.